zelfstandig naamwoord · de-woord · A1 · veelgebruikt
de buurt
Wat betekent “buurt”?
Meervoud: de buurten
Betekenis
- Engels
- neighbourhood
Dit woord krijgt “de”.
Voorbeeldzinnen
- Wij wonen in een rustige buurt.We live in a quiet neighbourhood.
- Is er een supermarkt in de buurt?Is there a supermarket nearby?
- Hij wandelt elke dag met zijn hond door de buurt.Every day he walks his dog around the neighbourhood.
Uitdrukkingen
- in de buurtnearby, in the area
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 332 woorden over Wonen.