zelfstandig naamwoord · het-woord · A2 · veelgebruikt
het merk
Wat betekent “merk”?
Meervoud: de merken
Betekenis
- Engels
- brand
Dit woord krijgt “het”.
Voorbeeldzinnen
- Welk merk telefoon heb jij?What brand of phone do you have?
- Het merk van de supermarkt is goedkoper.The supermarket's own brand is cheaper.
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 333 woorden over Winkelen en geld.