werkwoord · A1 · veelgebruikt
rijden
Wat betekent “rijden”?
Verleden tijd: reed – redenPerfectum: heeft / is gereden
Betekenis
- Engels
- to drive, to ride
Voorbeeldzinnen
- Mijn man rijdt elke dag naar Utrecht.My husband drives to Utrecht every day.
- De trein rijdt vandaag niet.The train is not running today.
- Om vier uur rijdt een verhuiswagen de straat binnen.At four o'clock a removal van drives into the street.
Uitdrukkingen
- auto rijdento drive a car
- door rood rijdento run a red light
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 271 woorden over Verkeer en reizen.