Naar de inhoud
Inburgering Nu
Videolessen
Examens
Uitleg
Woordgames
Prijzen
Inloggen
Gratis beginnen
Nederlandse woorden
4153 woorden met betekenis, lidwoord de/het, voorbeeldzinnen en uitspraak.
Woord zoeken
Alle
A1
939
A2
1767
B1
1447
Per letter
A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
Beginnend met I
108 woorden
Filters wissen
inklokken
to clock in
·
werkwoord
A2
het
inkomen
income
·
zelfstandig naamwoord
A2
de
inkomsten
income, earnings
·
zelfstandig naamwoord
B1
inladen
to load
·
werkwoord
B1
inleveren
to hand in, to return
·
werkwoord
A2
inloggen
to log in
·
werkwoord
A2
het
inloopspreekuur
walk-in hours
·
zelfstandig naamwoord
A2
inmiddels
by now, meanwhile
·
bijwoord
B1
innemen
to take (medicine)
·
werkwoord
A2
inpakken
to pack
·
werkwoord
A2
inrichten
to furnish, to decorate
·
werkwoord
A2
inroosteren
to schedule (on the rota)
·
werkwoord
A2
inschatten
to estimate, assess
·
werkwoord
B1
inschenken
to pour
·
werkwoord
A2
inschrijven
to register
·
werkwoord
A2
de
inschrijving
registration, enrolment
·
zelfstandig naamwoord
B1
de
inschrijvingsduur
registration period
·
zelfstandig naamwoord
B1
inspreken
to leave (a voice message)
·
werkwoord
A2
installeren
to install
·
werkwoord
B1
de
instantie
authority, agency
·
zelfstandig naamwoord
A2
instappen
to get in, to board
·
werkwoord
A2
de
instelling
institution; setting
·
zelfstandig naamwoord
B1
het
intakegesprek
intake interview
·
zelfstandig naamwoord
B1
de
integratie
integration
·
zelfstandig naamwoord
B1
integreren
to integrate
·
werkwoord
B1
de
intercity
intercity train
·
zelfstandig naamwoord
A2
de
intercom
intercom
·
zelfstandig naamwoord
B1
interessant
interesting
·
bijvoeglijk naamwoord
A2
het
internet
internet
·
zelfstandig naamwoord
A1
het
internetbankieren
online banking
·
zelfstandig naamwoord
A2
Vorige
3 / 4
Volgende