Naar de inhoud
Inburgering Nu
Videolessen
Examens
Uitleg
Woordgames
Prijzen
Inloggen
Gratis beginnen
Nederlandse woorden
4153 woorden met betekenis, lidwoord de/het, voorbeeldzinnen en uitspraak.
Woord zoeken
Alle
A1
939
A2
1767
B1
1447
Per letter
A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
Beginnend met O
293 woorden
Filters wissen
het
oor
ear
·
zelfstandig naamwoord
A1
de
oorlog
war
·
zelfstandig naamwoord
A2
earache
·
zelfstandig naamwoord
A1
cause
·
zelfstandig naamwoord
B1
east
·
zelfstandig naamwoord
A1
east
·
zelfstandig naamwoord
A1
on
·
voorzetsel
A1
on the basis of
·
uitdrukking
B1
on time
·
uitdrukking
A2
grandpa
·
zelfstandig naamwoord
A1
to call, to phone
·
werkwoord
A2
to put away, to store
·
werkwoord
A2
task, assignment
·
zelfstandig naamwoord
A2
client, principal
·
zelfstandig naamwoord
A2
suddenly
·
bijwoord
B1
open
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
open day
·
zelfstandig naamwoord
A2
public
·
bijvoeglijk naamwoord
A2
public transport
·
zelfstandig naamwoord
A2
to open
·
werkwoord
A1
to open
·
werkwoord
A1
opening hours
·
zelfstandig naamwoord
A2
operation, surgery
·
zelfstandig naamwoord
B1
to operate (on)
·
werkwoord
A2
relieved
·
bijvoeglijk naamwoord
A2
to give up; to register
·
werkwoord
A2
to grow up
·
werkwoord
B1
collection day
·
zelfstandig naamwoord
B1
to collect, to pick up
·
werkwoord
A2
to hang (up)
·
werkwoord
A2
6 / 10
de
oorpijn
de
oorzaak
oost
het
oosten
op
op grond van
op tijd
de
opa
opbellen
opbergen
de
opdracht
de
opdrachtgever
opeens
open
de
open dag
openbaar
het
openbaar vervoer
opendoen
openen
de
openingstijden
de
operatie
opereren
opgelucht
opgeven
opgroeien
de
ophaaldag
ophalen
ophangen
Vorige
Volgende