Naar de inhoud
Inburgering Nu
Videolessen
Examens
Uitleg
Woordgames
Prijzen
Inloggen
Gratis beginnen
Nederlandse woorden
4153 woorden met betekenis, lidwoord de/het, voorbeeldzinnen en uitspraak.
Woord zoeken
Alle
A1
939
A2
1767
B1
1447
Per letter
A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
Woorden
939 woorden
Filters wissen
de
opa
grandpa
·
zelfstandig naamwoord
A1
open
open
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
to open
·
werkwoord
A1
to open
·
werkwoord
A1
to watch out; to babysit
·
werkwoord
A1
to write down
·
werkwoord
A1
to get up
·
werkwoord
A1
orange
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
old
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
parents
·
zelfstandig naamwoord
A1
oven
·
zelfstandig naamwoord
A1
in (time); about; over
·
voorzetsel
A1
shirt (men's)
·
zelfstandig naamwoord
A1
to cross (the street)
·
werkwoord
A1
horse
·
zelfstandig naamwoord
A1
purple
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
carton, pack; suit
·
zelfstandig naamwoord
A1
to take, to grab
·
werkwoord
A1
pancake
·
zelfstandig naamwoord
A1
dad
·
zelfstandig naamwoord
A1
paper
·
zelfstandig naamwoord
A1
bell pepper
·
zelfstandig naamwoord
A1
umbrella
·
zelfstandig naamwoord
A1
excuse me; pardon
·
tussenwerpsel
A1
park
·
zelfstandig naamwoord
A1
passport
·
zelfstandig naamwoord
A1
pasta
·
zelfstandig naamwoord
A1
chips, French fries
·
zelfstandig naamwoord
A1
break
·
zelfstandig naamwoord
A1
pear
·
zelfstandig naamwoord
A1
20 / 32
opendoen
openen
oppassen
opschrijven
opstaan
oranje
oud
de
ouders
de
oven
over
het
overhemd
oversteken
het
paard
paars
het
pak
pakken
de
pannenkoek
papa
het
papier
de
paprika
de
paraplu
pardon
het
park
het
paspoort
de
pasta
de
patat
de
pauze
de
peer
Vorige
Volgende